WW DD MM YY

00:00:00

Muziek ‘laat stemmingsverbeterende stof in de hersenen vrij’


9 januari 2011, BBC News

Hoe muziek ons met elkaar verbindt



28 juni 2016, Greater Good

Jongeren kampen met corona-eenzaamheid: ‘Ik mis mensen om me heen’

16 mei 2020, NOS

De behoefte aan feesten en festivals mogen we best wat serieuzer nemen

5 juni 2020, de Volkskrant

Hoe de queerscene in Rotterdam opkwam en het nachtleven verandert

15 juni 2020, Versbeton

Wat is het Rotterdamse nachtleven waard?



15 juli 2020, Versbeton

 

Steeds meer illegale feesten, ook dit weekend weer



31 juli 2020, NOS

Onderzoek corona en evenementen



26 augustus 2020, Lowlands

Discotheken en nachtclubs blijven dicht na 1 september


31 augustus 2020, 3voor12

Kabinet wil horeca helemaal dicht en geen alcoholverkoop meer na 20:00uur

12 oktober 2020, RTL Nieuws

Mentale gezondheid in gevaar door corona, jongeren kunnen ‘door ijs zakken’

18 oktober 2020, NOS

Hoe de beperkingen op dansen onze (mentale) gezondheid beïnvloeden

23 oktober 2020, VICE

Muziek ‘laat stemmings- verbeterende stof in de hersenen vrij’
Muziek geeft een chemische stof vrij in de hersenen die een sleutelrol speelt bij het creëren van een goed humeur, suggereert een studie. De studie, gerapporteerd in Nature Neuroscience, vond dat de chemische stof vrijkwam op momenten van piekplezier.
Onderzoekers van de McGill University in Montreal zeiden dat het de eerste keer was dat de chemische stof — genaamd dopamine — werd getest als reactie op muziek. Dopamine stijgt als reactie op andere prikkels zoals voedsel en geld.

Het is bekend dat het een feel-good-toestand veroorzaakt als reactie op bepaalde tastbaare stimulerende middelen - van het eten van snoep tot het nemen van cocaïne. Dopamine wordt ook in verband gebracht met minder tastbare prikkels, zoals verliefdheid. In deze studie bleken de niveaus van dopamine tot 9% hoger te zijn wanneer vrijwilligers naar muziek luisterden waar ze van genoten.

De auteurs van het rapport zeggen dat het belangrijk is om te bewijzen dat mensen plezier beleven aan muziek — een abstracte beloning — die vergelijkbaar is met het plezier dat wordt verkregen door meer basale biologische stimuli.

Muziekpsycholoog dr. Vicky Williamson van Goldsmiths College, University of London, verwelkomde de paper. Ze zei dat het onderzoek geen antwoord gaf op waarom muziek zo belangrijk was voor mensen, maar bewees dat het zo was. “Dit artikel laat zien dat muziek onlosmakelijk verbonden is met onze diepste beloningssystemen.”

Muzikale ‘frisson’ De studie omvatte het scannen van de hersenen van acht vrijwilligers gedurende drie sessies met behulp van twee verschillende soorten scans. De relatief kleine steekproef was teruggebracht tot een eerste groep van 217 mensen. Dit kwam doordat de deelnemers constant “koude rillingen” moesten ervaren, op hetzelfde muziekstuk, zonder af te nemen bij meervoudig luisteren of in verschillende omgevingen.

Een type beeldvorming van de nucleaire geneeskunde, een PET-scan genaamd, werd gedurende twee sessies gebruikt. De ene sessie luisterden vrijwilligers naar muziek waar ze erg van genoten en tijdens de andere luisterden ze naar muziek waar ze neutraal over waren. In de derde sessie wisselde de muziek af tussen genoten en neutraal, terwijl een functionele magnetische resonantiebeeldvorming of fMRI-scan werd gemaakt.

Gegevens verzameld van de twee verschillende soorten scans werden vervolgens geanalyseerd en onderzoekers konden de afgifte van dopamine schatten. De overdracht van dopamine was hoger wanneer de deelnemers naar muziek luisterden waarvan ze genoten.
Aanhoudende koude rillingen
Een belangrijk element van de studie was het meten van de afgifte van dopamine, wanneer de deelnemers hun hoogste emotionele reactie op de muziek voelden.

Om dit te bereiken, markeerden onderzoekers wanneer deelnemers een rilling langs de ruggengraat voelden, zoals veel mensen voelen als reactie op een favoriet muziekstuk. Deze ‘chill’ of ‘muzikale opwinding’ gaf aan wanneer de vrijwilligers maximplezier voelden.

De scans lieten een verhoogde endogene dopamine-overdracht zien wanneer de deelnemers een “koude rilling” voelden. Omgekeerd, als ze naar muziek luisterden die geen “kilte” veroorzaakte, kwam er minder dopamine vrij.

Dr. Robert Zatorre zei: “We moesten er zeker van zijn dat we mensen konden vinden die zeer consistent en betrouwbaar rillingen ervaarden. ‘‘Dat komt omdat we, als we ze eenmaal in de scanner hadden gelegd, geen koude rillingen zouden krijgen, we niets te meten hadden. “De andere factor die belangrijk was, is dat we elke mogelijke verwarring van verbale associaties wilden elimineren, dus gebruikten we alleen instrumentale muziek. “Hierdoor werden ook veel van de originele steekproeven van mensen geëlimineerd, omdat de muziek die ze inbrachten die hen koude rillingen bezorgden, teksten had.”
Hoe muziek ons met elkaar verbindt
Volgens nieuw onderzoek helpt muziek ons lichaam en onze hersenen te synchroniseren.
Tijdens recente ontzag conferentie GGSC’s, Melanie DeMore leidde het publiek in een groep te zingen als onderdeel van de activiteiten van de dag. Aan de hand van de reacties van de deelnemers was het duidelijk dat er iets magisch gebeurde: we voelden ons allemaal hechter en meer verbonden door die ervaring van samen zingen.

Waarom is zingen zo’n krachtige sociale lijm? De meesten van ons horen muziek vanaf het moment dat we geboren zijn, vaak via slaapliedjes, en tijdens veel van de belangrijkste gelegenheden in ons leven, van diploma-uitreikingen en bruiloften tot begrafenissen. Er is iets met muziek dat ons dichter bij elkaar lijkt te brengen en ons helpt om als gemeenschap samen te komen.

Het lijdt geen twijfel dat mensen bedraad zijn voor
muziek. Onderzoekers hebben onlangs ontdekt dat we een speciaal deel van ons brein hebben voor het verwerken van muziek, wat de theorie ondersteunt dat het een speciale, belangrijke functie in ons leven heeft. Samen luisteren naar muziek en zingen is in verschillende onderzoeken aangetoond dat het een directe invloed heeft op neurochemicaliën in de hersenen, waarvan er vele een rol spelen bij nabijheid en verbinding.

Nu suggereert nieuw onderzoek dat het samen spelen van muziek of zingen bijzonder krachtig kan zijn om sociale nabijheid te bewerkstelligen door het vrijkomen van endorfine. In één onderzoek ontdekten onderzoekers dat het uitvoeren van muziek - door middel van zingen, drummen en dansen - allemaal resulteerde in het feit dat deelnemers hogere pijndrempels hadden (een proxy-maat voor een verhoogde afgifte van endorfine in de hersenen) in vergelijking met het luisteren naar alleen muziek. Bovendien resulteerde de uitvoering van muziek in een grotere positieve emotie, wat suggereert dat een pad waardoor mensen zich dichter bij elkaar voelen wanneer ze samen muziek maken, het vrijkomen van endorfine is.

In een andere studie vergeleken onderzoekers de effecten van samen zingen in een klein koor (20-80 personen) versus een groter koor (232 personen) op het gebied van nabijheid en pijngrenzen. De onderzoekers ontdekten dat beide koorgroepen hun pijngrens verhoogden na het zingen; de grotere groep ervoer echter grotere veranderingen in sociale nabijheid na het zingen dan de kleinere groep. Dit suggereerde de onderzoekers dat endorfines die tijdens het zingen worden geproduceerd, grote groepen snel bij elkaar kunnen brengen.

Muziek is ook in verband gebracht met het vrijkomen van dopamine , betrokken bij het reguleren van stemming en hunkering, wat lijkt te voorspellen of muziek ons plezier kan brengen. In combinatie met de effecten op endorfine, lijkt muziek ons een goed gevoel te geven en contact te maken met anderen, misschien vooral als we zelf muziek maken. Maar muziek is meer dan een gewoon plezier. Nieuwe studies laten zien hoe het kan werken om een gevoel van groepsidentiteit te creëren.

In een reeks ingenieuze studies onderzochten onderzoekers Chris Loerch en Nathan Arbuckle hoe muzikale reactiviteit - hoezeer iemand wordt beïnvloed door het luisteren naar muziek - verbonden is met groepsprocessen, zoals iemands gevoel bij een groep te horen, positieve associaties met groepsleden, voorkeur voor outgroup-leden en reacties op groepsdreiging in verschillende bevolkingsgroepen.

De onderzoekers ontdekten dat “muzikale reactiviteit causaal verband houdt met ... fundamentele sociale motivaties” en dat “reactiviteit op muziek verband houdt met kenmerken van een succesvol groepsleven”. Met andere woorden, muziek zorgt ervoor dat we ons aansluiten bij groepen. Maar hoe doet muziek dat? Sommige onderzoekers geloven dat het ritme in muziek ons helpt om onze hersenen te synchroniseren en onze lichaamsbewegingen met anderen te coördineren, en dat is hoe de effecten kunnen worden vertaald naar een hele groep. Onderzoek ondersteunt dit proefschrift door te laten zien hoe het coördineren van beweging door middel van muziek ons gemeenschapsgevoel en prosociaal gedrag vergroot. Inderdaad, een studie wees uit dat tweejarigen hun lichaamsbewegingen synchroniseerden met een drumbeat - nauwkeuriger voor een mens die ze konden zien dan met een drummachine.

Deze neiging om te synchroniseren lijkt alleen maar belangrijker te worden naarmate we groeien. In een andere studie luisterden volwassenen naar een van de drie soorten muziek - ritmische muziek, niet-ritmische muziek of ‘witte ruis’ - en begonnen ze vervolgens met een taak waarbij ze moesten samenwerken en hun bewegingen moesten coördineren. Degenen die naar ritmische muziek luisterden, voltooiden de taken efficiënter dan degenen die naar de andere soorten geluid luisterden, wat suggereert dat ritme in muziek gedrag bevordert dat verband houdt met sociale cohesie.

In een andere studie , mensen zitten naast elkaar en vroegen om te rocken op een comfortabele snelheid de neiging om beter te coördineren zonder muziek, maar dichter bij elkaar toen ze voelde deden synchroniseren tijdens het luisteren naar muziek. In een studie van Scott Wiltermuth en Chip Heath van Stanford University waren degenen die naar muziek luisterden en hun bewegingen op de muziek coördineerden, in staat beter samen te werken en genereuzer te handelen jegens anderen wanneer ze samen aan economische spelletjes deelnamen (zelfs in situaties waarin persoonlijk verlies voor het welzijn van de groep, zoals in de Public Goods Game).

Al dit bewijsmateriaal bevestigt de plaats van muziek in het versterken van onze sociale relaties. Misschien is dat de reden waarom, als je wilt dat mensen een band opbouwen, muziek een natuurlijke hulpbron is om dat mogelijk te maken. Of het nu gaat om concerten, sociale evenementen of conferenties met ontzag, muziek kan ons helpen verbinding te maken, samen te werken en voor elkaar te zorgen. Dit suggereert dat als we een harmonieuzere samenleving willen, we er goed aan zouden doen om muziek te blijven opnemen in ons leven — en dat van onze kinderen.
 
Jongeren kampen met corona-eenzaamheid:‘Ik mis mensen om me heen’
Eenzaamheid in tijden van corona. Het typische beeld doemt op van een bejaarde verpleeghuisbewoner achter een raam. Maar juist veel jongeren ervaren vaker eenzaamheidsgevoelens dan voor de crisis, blijkt uit onderzoek van I&O Research. Uit het onderzoek blijkt dat drie op de tien Nederlanders zich eenzaam voelen in de coronacrisis. Vooral onder jongeren is een stijging te zien. Bijna de helft in de leeftijdsgroep van 25 tot 34 jaar voelt zich eenzamer dan voor de coronacrisis en bij jongeren onder de 25 is dat aantal nog groter.
Het onderzoeksbureau vroeg jongeren in maart, en in mei opnieuw, of ze zich eenzamer voelen dan voor de crisis:
I&O research
Dat juist jongeren meer eenzaamheid ervaren is niet zo vreemd, volgens Hans Alderliesten van kennisinstituut Movisie. Dat instituut werkte niet mee aan de enquête, maar doet wel onderzoek naar effecten van de coronacrisis, zoals eenzaamheid. Veel ouderen staan al meer aan de zijlijn en worden niet per se eenzamer door de crisis, blijkt uit de enquête. Volgens Alderliesten is in het algemeen de kans op eenzaamheid groter naarmate mensen ouder worden. Jongeren zitten in een leeftijdsfase waarin ze zich willen ontwikkelen. “Ze willen erop uit, reizen, nieuwe relaties aangaan. Ze zijn heel erg bezig met zelfontplooiing, en dat is nu lastig. Veel plekken waar ze hun sociale leven hebben, zoals school en werk, zijn dicht.”

‘Beetje neerslachtig’
Lucia van den Heuvel (26) uit Spijkenisse herkent dat helemaal. De studente heeft sommige van haar vriendinnen maanden niet gezien, vooral omdat ze niet met het ov wil reizen. “Ik heb er wel over gedacht om met de metro en de trein te gaan, maar ik heb lichte gezondheidsklachten, dus dat is toch wel een beetje eng. En mijn moeder is 61, dus ben ik extra voorzichtig.”
Haar vriend in Eindhoven ziet ze alleen als ze een lift met de auto kan regelen en met haar vriendinnen is het vooral videobellen. “We chatten veel, spelen spelletjes online, maar het is toch niet hetzelfde. Je kunt niet meer zorgeloos in een café even de dag doornemen. Je mist het face-to-face contact. Alles moet op afstand en daar word ik soms wel een beetje neerslachtig van.” Voor sommigen hebben de coronamaatregelen meer impact. Jasper van Galen (29) uit Zeist zag in een paar dagen tijd zijn hele sociale leven wegvallen. “Ik doe vrijwilligerswerk, zit in een zangkoor, dat viel opeens allemaal weg. Daarbij woon ik alleen en moet ik nu thuiswerken, dus collega’s zie ik ook niet meer. Af en toe ga ik met iemand wandelen of spreek ik met mijn ouders af, maar dat is het.”

Zijn vrije tijd vult hij met tv-series en videobellen, maar Jasper verlangt heel erg naar een biertje met vrienden op het terras. “De ideeën over wat je thuis kan doen raken een beetje op. Af en toe merk ik dat ik hersenloos tv zit te kijken en dat ik denk, wat ben ik eigenlijk aan het doen? En videobellen is leuk, maar je voelt de afstand.
“Veel jongeren hebben last van tijdelijke eenzaamheid. Als de maatregelen over een maand weer worden versoepeld is dat niet heel erg.”
­— Jolanda van Gerwe, Join Us

Er zit toch een scherm tussen en ik ben een heel sociaal persoon, ik mis mensen om me heen. Die zie ik nu alleen als ik boodschappen ga doen.” Er zijn ook jongeren die al vóór de pandemie met eenzaamheids-gevoelens zaten. Voor hen is deze tijd extra zwaar, merkt ook mbo’er Niels Essens (19) uit Sint-Oedenrode. Met begeleiding van Join Us, een stichting die eenzame jongeren helpt, was het hem gelukt wat meer contact te krijgen met anderen, maar toen kwam corona. “In het begin vond ik dat niet heel erg, toen dacht ik nog dat het wel zou meevallen.” Het viel niet mee. De lessen op school veranderden in thuisonderwijs en ook de tweewekelijkse bijeenkomsten van Join us hielden op. “Nu gaat dat met videobellen. Dat is ook wel fijn, maar je merkt wel dat dat het toch niet helemaal is. En dat thuisonderwijs is een stuk vermoeiender. Als je op school komt, heb je afleiding. Zelfs al heb je niet veel contacten, je ziet wel mensen om je heen.”

Een belangrijk element van de studie was het meten van de afgifte van dopamine, wanneer de deelnemers hun hoogste emotionele reactie op de muziek voelden.

Om dit te bereiken, markeerden onderzoekers wanneer deelnemers een rilling langs de ruggengraat voelden, zoals veel mensen voelen als reactie op een favoriet muziekstuk. Deze ‘chill’ of ‘muzikale opwinding’ gaf aan wanneer de vrijwilligers maximplezier voelden.

De scans lieten een verhoogde endogene dopamine-overdracht zien wanneer de deelnemers een “koude rilling” voelden. Omgekeerd, als ze naar muziek luisterden die geen “kilte” veroorzaakte, kwam er minder dopamine vrij.

Dr. Robert Zatorre zei: “We moesten er zeker van zijn dat we mensen konden vinden die zeer consistent en betrouwbaar rillingen ervaarden. ‘‘Dat komt omdat we, als we ze eenmaal in de scanner hadden gelegd, geen koude rillingen zouden krijgen, we niets te meten hadden. “De andere factor die belangrijk was, is dat we elke mogelijke verwarring van verbale associaties wilden elimineren, dus gebruikten we alleen instrumentale muziek. “Hierdoor werden ook veel van de originele steekproeven van mensen geëlimineerd, omdat de muziek die ze inbrachten die hen koude rillingen bezorgden, teksten had.”

Tijdelijke eenzaamheid
Niels hoopt spoedig de nieuwe vrienden te kunnen zien die hij door Join Us had leren kennen. Hij wil ook weer naar school. “Maar ik vraag me af of die dit schooljaar nog opengaat. Het kan heel goed dat het september wordt.” Join Us richt zich op mensen die chronische eenzaam zijn en om hulp vragen, zegt Jolanda Van Gerwe van de stichting. “Die worden in deze crisis teruggeworpen op oude patronen en kunnen terugvallen. Daarom zorgen we nu dat we in ieder geval contact houden met hen.”
Volgens Van Gerwe wordt eenzaamheid bij jongeren pas een probleem als die langdurig is. “Het is een gevoel. Veel jongeren hebben wel eens last van tijdelijke eenzaamheid. Als de maatregelen over een maand weer worden versoepeld, is die tijdelijke eenzaamheid ook niet heel erg. Maar als het langer duurt, kan het voor sommigen grotere gevolgen hebben.”
Aan ‘even’ geen feest gaat meer dan een leuke tijd verloren. Het gemis aan festivalgevoel is niet alleen een luxeprobleem, weet Gidi Heesakkers.

De behoefte aan feesten en festivals mogen we best wat serieuzer nemen

Mijn ouders betaalden mijn eerste Lowlands-kaartje. Ik was 17 jaar, en vooral mijn vader had voor zijn bedaarde doen laaiend enthousiast gereageerd toen ik vertelde over het plan om naar een festival te gaan. Zó enthousiast dat hij, ooit nogal een feestnummer, meteen aanbood die ervaring te bekostigen en de eerste gang naar Biddinghuizen te beschouwen als het sluitstuk van de opvoeding en mijn puberale ontworsteling: ‘De sfeer op zo’n festival is wel zoiets bijzonders, dat móét je een keer meegemaakt hebben.’

Mijn moeder memoreert op haar beurt graag hoe ze mij de maandag na Lowlands aantrof op station Boxtel, kapot, meurend (ik dacht toen nog dat je op een festivalcamping niet hoorde te douchen) en in een geluksroes die nog dagen aanhield. Er valt onmogelijk een originele anekdote te peuren uit mijn euforische thuiskomst.
Voor zoveel jongeren is de ontdekking van het festival de ontdekking van iets anders, iets betekenisvols dat voortkomt uit het ‘platte’ genot van samen dansen en nieuwe muziek ontdekken in een volgepakte tent, bier drinken uit plastic bekers, flirten, misschien voor het eerst een lik mdma nemen en pizza, hamburgers, friet, loempia’s en een pannenkoek in één etmaal eten.

Dus toen eind april de complete festivalzomer werd geannuleerd, dacht ik aan de jonge mensen die dit jaar niet voor het eerst (of voor de zoveelste keer) naar een festival gaan, en die daarover van strenge anderen niet te hard mogen klagen, want: ziekte, honger, oorlog, eenzame opsluiting en andere échte rampspoed. ‘Wat ben ik blij dat ik niet jong ben tijdens deze coronacrisis’, schreef Aleid Truijens begin mei in deze krant, gevolgd door een opsomming van dingen die jongeren moeten doen en vooral laten. ‘Jongeren leggen nu hun leven lam voor een ziekte die henzelf niet treft, om te voorkomen dat hun ouders en grootouders voortijdig sterven.’

Haar column maakte veel los bij lezers. Eef Peelen uit Hasselt viel Truijens bij en richtte zich in een ingezonden brief tot haar medezestigers: ‘Als 60-plussers hebben wij allemaal ruimschoots gehad wat jongeren nog maar moeten zien te krijgen. ‘Leef’-tijd.’ Theo Abbingh uit Dwingeloo had weinig medelijden met de jeugd, die geen tegenslag gewend is. ‘Bedenk dat terrasjes, wereldreizen, borreltjes en festivals luxe is.’
Diepgevoelde behoefte
Hoe dramatisch kan het zijn, een jaar geen grootschalige samenkomsten in clubs, op festivals, geen volle bak in het café? Wie betreurt dat-ie ‘even’ niet naar Berlijn, De School, Defqon.1 of Woo Hah! kan, heeft een luxeprobleem, en al te luid over luxeproblemen zeuren doe je niet, zeker nu niet – behalve als je een verwende, hedonistische, alleen maar aan zichzelf denkende millennial of een tiener uit de generatie daarna bent, dan natuurlijk wel.
Het is gemakkelijk makkelijk doen over het gemis van feest, met de dooddoener aller dooddoeners ‘er zijn ergere dingen’. Er zijn ergere dingen, we kunnen even zonder. Maar toch: is linksvoor in een broeierige festivaltent verzamelen met vrienden, bekenden en onbekenden, dansen, lachen en ouwehoeren niet ook gewoon een diepgevoelde menselijke behoefte? Een behoefte die je eenvoudig kunt wegzetten als wuft, maar die toch ook echt een gat slaat als het ons onmogelijk wordt gemaakt? Moet je die drang dus niet serieus nemen, zonder er lacherig of aanmatigend over te doen?
Absoluut wel, vond de Amerikaanse journalist Barbara Ehrenreich (1941), die er een studie van maakte in haar boek Dancing in the Streets: A History of Collective Joy. Dat mensen zin hebben om samen in extase te raken van muziek, drinken, dansen enzovoorts is zo oud als de beschaving zelf, schrijft Ehrenreich.

In het boek bespreekt ze de bacchanalen die de Romeinen organiseerden, religieuze feesten, volksrituelen en festiviteiten rondom hedendaagse sportevenementen. Ze benoemt wat óók van alle tijden is: er is altijd een groep mensen die met verbazing of zelfs afkeer kijkt naar een andere groep die toegeeft aan de neiging om ongeremd, verkleed, gemaskerd en/of onder invloed plezier met ­elkaar te maken. Altijd stond er wel een elite klaar die in zo’n wilde, onbeschaafde, haast dierlijke samenkomst een bedreiging zag voor de openbare orde en de sociaal-culturele hiërarchie; hun macht.

Festivalgevoel
Feesten heeft door de eeuwen heen nooit hoog op de prestigeladder gestaan, dat is wel duidelijk. Uitgaan is een vermakelijke bezigheid, ja, maar verder? Ook de kunst heeft het van oudsher moeilijk als ze de eigen belangwekkendheid moet verdedigen, maar van kunst lijken mensen toch nog sneller geneigd te zeggen dat het een soort van ‘zin’ heeft. Kunst zou tenminste nog geestverheffende, intellectuele behoeften aanspreken, althans: dat valt te betogen.
En feest dan? Dat specifieke en tegelijkertijd zo vage ‘festivalgevoel’ waar festivalgangers het altijd over hebben? Staat snakken naar die sfeer niet voor iets groters?
Met de documentaire Life @ Lowlands (VPRO, 2013) deed Lisa Boerstra een poging uitdrukking te geven aan dat moeilijk in woorden te vatten, allesbehalve eenduidige sentiment. Ze volgde een groepje doorgewinterde bezoekers, maar ook drie vriendinnen van 17 die voor het eerst naar Lowlands gingen, met alle bakvisserij van dien.

Uit de omschrijving van haar film: ‘door de gezamenlijke beleving van muziek lossen de vriendinnen uiteindelijk op in de zwerm en worden ze deel van het festival’. Tussen de beelden van hen tussen de andere aanwezigen monteerde Boerstra shots uit natuurfilms; bij het uitzinnig betreden van het terrein een huppelende gazelle, bij een quote over zien en gezien worden een paradijsvogel, bij een met (You Gotta) Fight for Your Right (to Party!) meeblèrende rocker een brullende aap.

Bioloog en vaste bezoeker Jeroen analyseerde mee in de richting van de festivalganger als (groeps)diersoort die zichzelf in een natuurlijke behoefte voorziet: ‘Lowlanders zijn als bonobo’s: ze lossen conflicten op met seks in plaats van agressie.’ Oplossen in een zwerm van gelijkgestemden, saamhorigheid, verbondenheid: wie het festivalgevoel omschrijft, bezigt al gauw de taal waarmee ook carnavalsvierders mensen die niks met carnaval hebben proberen uit te leggen dat hun feest méér is dan een slempdriedaagse. Iedereen gelijk, lang leve de lol, voor even de alledaagse bezigheden en zorgen vergeten en een veel lagere drempel om tegen volslagen onbekenden aan te lullen of een wildvreemde te versieren.
Ook dat laatste zal trouwens node worden gemist deze zomer. Festivals zijn een liefdesgenerator, voor één nacht, langer of altijd, een mogelijkheid in ieder geval om iemand te ontmoeten die je niet op de een of andere manier al kent, maar met wie je alvast gemeen hebt dat je allebei graag hier wilde zijn.

Erfgoed
Extatische genoegens putten uit muziek, dansen en gekkigheid is ‘onderscheidend menselijk erfgoed’, concludeert Barbara Ehrenreich in Dancing in the Streets, een vermogen dat ingebakken zit en zich maar moeilijk laat onderdrukken. Juist in een gejaagde wereld die alsmaar individualistischer is geworden, kunnen we de wens om elkaar op te zoeken in een uitbundige massa maar beter koesteren.

Feesten is een lekkere uitlaatklep, die ook de ‘verwende’, best zwaar belaste jonge generatie kan gebruiken. Maar het is evengoed welkome sociale lijm, een kans – zoals Ehrenreich het vrij pompeus verwoordt – ‘om het wonder van ons gelijktijdig bestaan te erkennen’, en te vieren. Iets dergelijks moet haast wel de kern vormen van dat dierbare festivalgevoel, een reden waarom het voor een heleboel mensen zo vervullend is om zich over te leveren aan collectieve feestvreugde. Het besef onderdeel te zijn van een groter geheel komt niet elke dag zo prettig simultaan aan de oppervlakte.
na Lowlands uitstapte op station Boxtel, hoe pathetisch dat ook klinkt. Drie dagen en nachten in Biddinghuizen hadden mijn uitzicht weidser gemaakt, precies waarop ik al een poosje zat te wachten in Lennisheuvel, het dorp met 1.100 inwoners waar ik me helemaal niet ongelukkig voelde, maar ook nooit helemaal op mijn plek.

Op de festivalweide vond een langverwachte kennismaking plaats met een veelheid aan types, tienduizenden mensen die genoten van dezelfde dingen als ik. De feestende massa weerspiegelde een veelbelovende, vrijere manier van leven die ik hopelijk kon vasthouden in Utrecht, waar ik zou gaan wonen en studeren. De nagenietfilosofie van een plattelandskind over het festival als openbaring van een ‘andere wereld’ waarin iedereen met iedereen praat, een op zichzelf staande samenleving in een samenleving – wat een cliché, maar niet voor niets.
In de zomers die volgden trok ik van festival naar festival, in Nederland, Duitsland, Kroatië en België. Met de blik waarmee je als tiener en begin-twintiger naar ‘oude mensen’ (dertigers, veertigers) kijkt, zeiden mijn vrienden en ik tegen elkaar: hier kunnen we nog jaren terecht. Voor bepaalde cafés worden we misschien te oud, dachten we toen, het festival zal de eeuwige jeugd altijd welkom heten.

Als een pandemie niet tussenbeide komt.
Ik ben intussen 31 en verheugde me erop om deze zomer naar Best Kept Secret te gaan, naar Down The Rabbit Hole en Dekmantel Festival. In plaats daarvan ben ik benieuwd geworden naar de uitwerking van gezamenlijk uitgestelde zin in plakkerige dansnachten, die mooie dingen kan betekenen voor de met-z’n-allengeest van het feest. Niet iedereen mist feest, maar voor wie ervan houdt, gaat er nu meer dan ‘slechts’ een leuke tijd verloren. Juist ook voor de jongeren die nog niet weten wat ze missen, en die niet weten wat ze meemaken als ze straks voor het eerst naar een festival gaan.
Hoe de queerscene in Rotterdam opkwam en het nachtleven verandert
Waar je jarenlang bijna geen enkel evenement, ontmoetingsplek of protest onder de noemer ‘queer’ zag, is deze gemeenschap de laatste jaren niet meer uit de stad en haar nachtleven weg te denken. Waar komt deze opmars vandaan? “Als community houd je je vaak bezig met schreeuwen tegen gevestigde instituten, maar je moet ook samen lol kunnen hebben en alles loslaten.”

LG
BT
Q+

De vogue feesten van Kiki House of Angels, Queer Performance Art Evenings,  clubavonden in WORM, Queer Poetry Nights in Tender Center, supportgroepen, spelletjesmiddagen, de demonstratie ‘Resist their Reignbow’ tijdens Rotterdam Pride, en zelfs een tentoonstelling over queer geschiedenis in Museum Rotterdam. Talloze queerinitiatieven zijn de afgelopen jaren uit Rotterdamse grond geschoten en trekken samen honderden mensen uit Rotterdam en de verre omtrek aan. 

Het beginpunt van die levendige Rotterdam queerscene is mogelijk op 17 april 2018, wanneer toenmalige organisator van de Gender Bending Queer Party, Non van Driel, een bijeenkomst organiseert: de Queers Unite Meeting. Bedoeld om na te denken over de behoeften binnen de queergemeenschap. Veertig individuen ontmoeten elkaar die dag, veelal voor het eerst, en daarmee wordt het fundament voor veel van de nu bestaande initiatieven gelegd.  Zo ontstaat die avond bijvoorbeeld het idee voor KLAUW, een collectief dat vier keer per jaar in WORM een clubavond organiseert specifiek voor queer BPOC, zwarte mensen en mensen van kleur. Ook starten erna een aantal mensen samen het platform Queer Rotterdam, dat zich on- en offline inzet om nieuwe initiatieven te ondersteunen en versterken.

Een sneeuwbaleffect dus, dat Non van Driel met de Gender Bending Queer Party en Queers Unite Meeting in gang heeft gezet. Maar dat is niet het enige: ook het politieke klimaat en het discours rondom queer zijn is in Nederland veranderd. Dat heeft de opleving van de scene ook geholpen, denkt Iso van het platform Queer Rotterdam: “Er is meer bewustzijn over queer in het algemeen, zoals bijvoorbeeld dat de NS nu ‘beste reizigers’ zegt, in plaats van ‘dames en heren’. En er zijn een aantal beroemdheden die zich openlijk identificeren als non-binair en zich uitspreken voor lhbt+-rechten”.

Ook Rotterdam zelf is in de afgelopen jaren behoorlijk veranderd door gentrificatie, en daardoor voor bepaalde mensen aantrekkelijker geworden, denkt Van Driel. Sinds 2017 zijn er veel queers vanuit andere steden of landen naar Rotterdam gekomen. Zo is het aantal mensen dat zich hier uitspreekt tegen zaken als racisme of commercialisering van Pride flink gegroeid. “Voor die tijd was Rotterdam toch meer een masculiene arbeidersstad”, zegt hen.

Ook Pride (in 2014 voor het eerst georganiseerd in Rotterdam) en vooral de kritiek erop, heeft een niet te onderschatten invloed gehad op de queergemeenschap. Op Vers Beton verscheen eerder een artikel over die kritiek. “Juist omdat veel mensen zich niet gerepresenteerd voelen door de Rotterdamse Pride, zijn ze zelf in actie gekomen om iets te creëren waarbij ze zich wel thuisvoelen. In het vormen van dat andere geluid, ontstaat een gevoel van verbinding en uiteindelijk een community”, denkt Maartje, een van de organisatoren achter Queer Rotterdam. 

“Queer Rotterdam aims to support, connect and activate our community,” staat dan ook als missie op hun facebookpagina. Ieder jaar organiseren zij bijvoorbeeld queersummer, een maand vol activiteiten waar KLAUW of een Queer Poetry Night geprogrammeerd worden. Ook runnen ze de supportgroep ‘Beyond the Binary’ voor mensen die zich niet identificeren als cis-gender.
Veiliger deurbeleid
Ondanks hun kritiek op Pride is het vormen van een tegengeluid verre van het hoofddoel van de activiteiten van Queer Rotterdam. “We willen onze energie juist niet verspillen aan het strijden tegen andere initiatieven binnen de lhbti+-gemeenschap”, zegt Laura, ook onderdeel van de organisatie. Van Driel herkent dit: “Het verdedigen van mijn standpunten bij organisaties die toch niet luisteren, zoals Pride, leidde me uiteindelijk af van de reden dat ik dit allemaal begonnen ben: een veilige plek creëren voor de community.”

En juist het creëren van die veiligere plek, oftewel safer space is waar zowel KLAUW, Queer Rotterdam als het poëzieplatform Unwanted Words zich de afgelopen jaren in Rotterdam voor inzetten. “Er is veel behoefte aan safer space clubbing in het Rotterdamse uitgaansleven,” zegt Merano Kalpoe, medeorganisator van KLAUW. “Clubeigenaren benaderen ons zelfs om workshops te verzorgen over een veiliger deurbeleid.” 

Zo’n deurbeleid is belangrijk om de veiligheid van degenen die optreden, maar ook van publiek of deelnemers voorop te stellen. In de praktijk bestaat het uit een set van richtlijnen of intenties, zoals KLAUW bijvoorbeeld stelt: “Consent is key”, “BPOC femmes of all genders to the front” en “No camera policy”. Bezoekers die zich niet willen gedragen naar deze intenties, kunnen aan de deur geweigerd worden. En net zo belangrijk: de hele nacht zijn er bij de KLAUW-clubavonden personeelsleden op de vloer, die je kunt benaderen zodra er iets voorvalt. 

Toch zijn de initiatieven zich ervan bewust dat ze volledige veiligheid niet kunnen garanderen. “Een volledige safe space worden we nooit,” zegt Luis Bracamontes, oprichter van Unwanted Words, “Daarom gebruiken we het begrip safer space.” Dit platform biedt een podium aan queerkunstenaars, dichters en spoken word-artiesten. Om de maand organiseren zij de Queer Poetry Night in Tender Center Rotterdam, ook een actieve spil in de gemeenschap. Tijdens de open mic-avonden van Unwanted Words kan zowel een meer ervaren artiest als een groentje het podium beklimmen. 

Bracamontes benadrukt dat ieder individu, afhankelijk van diens ervaringen, een andere beleving van veiligheid heeft. “En als organisatie kun je nooit al die perspectieven kennen of belichamen.” Dat vindt ook Queer Rotterdam: een houding van ‘niet-weten’ is als organisatie het beste. “Queer is actief. Je moet vragen stellen, nadenken en er nooit vanuit gaan dat je het recept kent voor het maken van een veilige ruimte voor iedereen”, zegt Laura."
Verademing ten opzichte van gaykroegen
Hoewel de activiteiten dus sterk gericht zijn op veiligheid, is dat zeker niet het enige dat mensen vinden in de queergemeenschap. Voor Bracamontes is deze gemeenschap vooral een verademing ten opzichte van de gaykroegen, waar hij het gevoel heeft aan een bepaalde verwachting van mannelijkheid te moeten voldoen en waar volgens hem een hook-up cultuur heerst. “In de queergemeenschap in Rotterdam is er ruimte om je eigen identiteit te onderzoeken en zijn mensen ervan overtuigd dat genderhokjes een gevangenis zijn voor iedereen.”

Queer zijn gaat voor Bracamontes over meer dan een niet-normatieve gender of seksualiteit, het is vooral politiek. En dat onderschrijven de initiatieven in de gemeenschap ook: queer kan alles omvatten wat zich buiten de witte, heteroseksuele matrix bevindt. Queer is vanuit intersectioneel perspectief dus ook antiracistisch, antikapitalistisch en antivalidistisch. “Queer is een radicale vorm van respect, en van zorg dragen voor mensen met een gemarginaliseerde identiteit”, zegt Merano Kalpoe. Wat de initiatieven laten zien, is dat dit ook op een feestelijke manier kan. Of in de woorden van de organisatoren van KLAUW: joy as an act of resistance. 

“Als community houd je je vaak bezig met het schreeuwen tegen gevestigde instituten, en dat is ook heel belangrijk. Maar je moet ook samen lol kunnen hebben, gek doen, alles loslaten. Dan houd je het met z’n allen beter vol”, stelt Kalpoe. De clubavond van KLAUW wil daarom naast een dansfeest ook een podium zijn voor queerkunstenaars, zoals drag-artiesten, zangers, performancekunstenaars en dj’s die muziek willen draaien vanuit hun eigen culturele achtergrond, zoals arab acid. 

De tijd waarin er vanwege corona even geen bijeenkomsten kunnen plaatsvinden, gebruiken de organisatoren van Queer Rotterdam om de blik inwaarts te keren. “Reflecteren op wat we doen en waarom we dat doen en aandacht besteden aan elkaar, dat is waar we nu vooral mee bezig zijn”, leggen Maartje, Iso en Laura uit. In deze tijden van quarantaine startten ze bijvoorbeeld een give & ask support actie: iedereen uit de gemeenschap kan laten weten of ze hulp willen geven of ontvangen, bijvoorbeeld in de vorm van boodschappen doen of gewoon o

m een babbeltje maken op afstand. Niet alleen de ‘esthetiek’
Hoe de organisatoren de toekomst van de Rotterdamse queerscene voor zich zien, verschilt. KLAUW wil uitgroeien tot een platform voor ondernemende queerkunstenaars en Queer Rotterdam hoopt vooral te zorgen dat mensen binnen de gemeenschap elkaar blijven vinden. Unwanted Words ambieert een netwerk te worden van succesvolle queerartiesten die onder hun vleugels tot bloei komen. Om te beginnen moet er binnenkort een heuse bloemlezing van queerpoëzie uitkomen. 

Wat alle initiatieven hopen, is dat wat zij doen de Rotterdamse clubs aan het denken zal zetten over de veiligheid van het uitgaansleven. Ofwel: het gesprek aangaan met organisatoren uit de queergemeenschap, het invoeren van een deurbeleid en actief blijven reflecteren op de veiligheid van je publiek. Daarom maakt Kalpoe bijvoorbeeld onderdeel uit van de N8W8, een onafhankelijk adviesorgaan dat zich inzet voor een bruisend, sociaal-inclusief en cultureel divers nachtleven in Rotterdam. Van Driel hoopt dat de clubs niet alleen met de ‘esthetiek’ van de queerfeesten aan de slag gaan, zoals in het verleden vaker is gebeurd, maar ook echt met de inhoud. Wellicht een mooie opdracht aan de Rotterdamse clubs als ze later dit jaar weer open mogen.

“Queer is een radicale vorm van respect, en van zorg dragen voor mensen met een gemarginaliseerde identiteit”

Wat is het Rotterdamse nachtleven waard?
Steeds meer illegale feesten, ook dit weekend weer
“Onderzoek corona en evenementen”
“Discotheken en nacht- clubs blijven dicht na 1 september”
Kabinet wil horeca helemaal dicht en geen alcoholverkoop meer na 20:00 uur
Mentale gezondheid in gevaar door corona, jongeren kunnen ‘door ijs zakken’
Hoe de beperkingen op dansen onze (mentale) gezondheid beïnvloeden